Hoe mensen hun taal leren
Mensen zijn de enige dieren die in staat zijn met elkaar te communiceren met behulp van een complexe taal. Als klein kind leren we op welke manier we klanken achter elkaar samen moeten voegen om zo een bepaalde gedachte aan een ander over te brengen. Maar hóe leren we dat? Er wordt veel gespeculeerd over de manier waarop een kind zijn moedertaal aanleert en of er wel of geen aangeboren vermogen is dat dit mogelijk maakt. Er zijn veel verschillende theorieën, maar het is niet met zekerheid te zeggen welke de juiste is.
Universele Grammatica
De eerste theorie is die van de taalwetenschapper Noam Chomsky. Hij zegt dat iedereen een aangeboren vermogen om taal te leren heeft. Een van de belangrijkste argumenten die hij hiervoor geeft, is dat talen zo complex zijn, dat kleine kinderen wel over een aangeboren taalvermogen móeten beschikken om in staat te zijn een complete taal op jonge leeftijd te kunnen verwerven. Dit aangeboren taalvermogen noemt hij de Universele Grammatica: een aantal principes en parameters. De principes liggen vast, en met de parameters worden bepaalde kenmerken van een taal aangeleerd. Deze theorie is generatief: dat wil zeggen dat met een bepaald aantal regels een oneindig aantal zinnen kan worden gevormd.
Optimaliteitstheorie
Een theorie die lijkt op de theorie van Chomsky is de optimalisatietheorie. Deze is grofweg hetzelfde, maar in tegenstelling tot Chomsky, worden de regels niet als definitief gezien. Er wordt uitgegaan van het feit dat regels zacht zijn. De ene regel is sterker dan de andere en dus kunnen regels worden overtreden, wanneer er andere, sterkere regels van toepassing zijn. Dit principe, waarbij je tot de 'beste' grammaticale constructie komt door regels tegen elkaar af te wegen, heet optimalisatie. De theorie van Chomsky verklaart niet hoe het komt dat in de ene taal de ene regel tot uiting komt en in een andere taal de andere. De optimalisatietheorie zorgt voor een verklaring.
Sociale-instincttheorie
De Amerikaanse psycholoog Tomasello heeft de sociale-instincttheorie bedacht. Hij gelooft niet dat kinderen een aangeboren grammatica hebben. Kinderen leren niet eerst woorden, om die vervolgens met abstracte regels tot zinnen te maken. Kinderen leren van wat volwassenen zeggen, en leren op allerlei niveau's tegelijkertijd verschillende structuren aan. Tomasello baseert zijn theorie op het feit dat mensen willen begrijpen wat anderen bedoelen. Dit sociale instinct ontwikkelt zich vanaf een leeftijd van negen maanden. Hij gelooft dat kinderen geen taalvermogen hebben aangeboren, maar dat ze alles vanuit hun omgeving leren.
Neurale-netwerktheorie
In een andere theorie, de neurale-netwerktheorie, wordt gezegd dat kinderen leren door de verbindingen in het neurale netwerk te versterken. De hersenen leren namelijk door de sterkte van de verbindingen tussen twee neuronen aan te passen. Als een bepaalde constructie vaak wordt herhaald, zal de verbinding waarin deze ligt opgeslagen sterker worden. Ook volgens deze theorie wordt een taal dus geleerd met het taalaanbod dat uit de omgeving komt.
Chomsky beweert dus dat iedereen over een Universele Grammatica beschikt, en dat het vermogen om taal te leren aangeboren is. Volgens de optimaliteitstheorie zijn de regels in de Universele Grammatica zacht en kunnen ze dus worden overtreden, in tegenstelling tot wat Chomsky denkt. Tomasello zegt in zijn sociale-instincttheorie dat taalvermogen niet aangeboren is, maar dat kinderen taal leren door hun sociale instinct. Volgens de neutrale-netwerktheorie leren kinderen door neuronverbindingen te versterken, en dus ook van buitenaf zonder een aangeboren taalvermogen.
donderdag 7 mei 2015
dinsdag 27 januari 2015
Essayopdracht
Opdracht 1
|
Alinea
|
Term/Begrip
|
Omschrijving
|
|
1
|
bindend studieadvies
|
Een advies dat de universiteit geeft over of de student wel of niet door kan gaan met zijn studie
|
|
|
bachelor
|
Het eerste deel van een studie
|
|
|
master
|
Het tweede deel van een studie
|
|
|
selectie aan de poort
|
Selectie voor een studie zonder loting, waarbij dus o.a. wordt gekeken naar cijfers en motivatie
|
|
|
basisbeurs
|
Bedrag dat een student maandelijks van de overheid krijgt om zijn studie van te betalen
|
|
|
studievoorschot
|
Geld dat een student maandelijks voor zijn studie van de overheid leent.
|
|
2
|
stage
|
Onderdeel van een opleiding waarbij je in de praktijk ervaring opdoet
|
|
|
bestuursfunctie
|
Functie waarin je een bedrijf of vereniging bestuurt
|
|
3
|
langstudeerders
|
Mensen die langer over hun studie doen
|
|
7
|
LSVb
|
Landelijke Studentenvakbond
|
|
8
|
flexstuderen
|
De student kan zelf zijn tijd voor zijn studie indelen
|
|
9
|
voltijd
|
Een volle werkweek
|
|
|
modulaire opzet
|
Opzet van een studie in modules
|
|
15
|
leerrechtensysteem
|
Systeem waar studenten in ruil voor tegoedbonnen studeren
|
Opdracht 2
|
Alinea
|
Woord(en)
|
Betekenis
|
|
1
|
knip
|
Scheiding
|
|
2
|
columniste
|
Columnschrijfster
|
|
3
|
per saldo
|
In totaal
|
|
8
|
naar rato van
|
Naar verhouding
|
|
11
|
uitvalcijfers
|
Percentage van mensen die voortijdig stoppen met hun studie
|
|
12
|
innovatie
|
Vernieuwing
|
|
|
bureaucratisch
|
Veel regels en invloed van ambtenaren
|
|
14
|
rendementseisen
|
Eisen die aan een universiteit worden gesteld om zo snel en goedkoop mogelijk zo veel mogelijk studenten af te laten studeren
|
Opdracht 3
|
A Het huidige systeem van universiteit en hogeschool
|
|
|
Voor wie toegankelijk?
|
Iedereen met een VWO- of HBO-diploma
|
|
Lengte van de studie?
|
Per studie verschillend
|
|
Welke keuzemogelijkheden in de leerstof zijn er?
|
|
|
Waar kun je studeren?
|
Aan een universiteit of hogeschool
|
|
|
De basisbeurs
|
|
B De Open Universiteit
|
|
|
Voor wie toegankelijk?
|
Alle volwassenen
|
|
Lengte van de studie?
|
4/5 jaar
|
|
Welke keuzemogelijkheden in de leerstof zijn er?
|
|
|
Waar kun je studeren?
|
Via het internet
|
|
|
Je studeert online
|
|
C Het plan Truijens
|
|
|
Voor wie toegankelijk?
|
Iedereen
|
|
Lengte van de studie?
|
Eigen keuze
|
|
Welke keuzemogelijkheden in de leerstof zijn er?
|
|
|
Waar kun je studeren?
|
Aan een universiteit
|
|
|
|
|
D Het plan van de LSVb
|
|
|
Voor wie toegankelijk?
|
Iedereen met een VWO- of HBO-diploma
|
|
Lengte van de studie?
|
Eigen keuze
|
|
Welke keuzemogelijkheden in de leerstof zijn er?
|
|
|
Waar kun je studeren?
|
Aan de universiteit
|
|
|
|
|
E Het plan van Rutte
|
|
|
Voor wie toegankelijk?
|
Iedereen met een VWO- of HBO-diploma
|
|
Lengte van de studie?
|
Eigen keuze
|
|
Welke keuzemogelijkheden in de leerstof zijn er?
|
|
|
Waar kun je studeren?
|
Publieke en particuliere instellingen
|
|
|
|
Opdracht 4
1a) Voor mensen die andere dingen buiten hun studie willen doen.
b) Je hebt maar een bepaalde tijd voor je studie, waardoor er niet veel extra tijd overblijft.
2) Je kunt zelf kiezen hoelang je over je studie wil doen.
3) Je betaalt voor datgene wat je kiest, en dus betaal je niet meer dan studenten die hetzelfde in een kortere periode doen.
4) Alles is ingesteld op het huidige systeem, waardoor verandering lastig zal zijn.
Opdracht 5
Wat het plan van Truijens inhoudt.
Opdracht 6
De overheid wil het liefst dat je zo kort mogelijk studeert en dat het hen zo min mogelijk kost. Voor studenten is dit echter niet ideaal. Als zij buiten hun studie andere activiteiten willen ondernemen, is dit vrij lastig. Een oplossing voor dit probleem, voorgesteld door Aleid Truijens, zou flexstuderen kunnen zijn. Studenten betalen dan slechts voor het onderwijs dat zij daadwerkelijk volgen. Dit zou betekenen dat elke student toch hetzelfde betaalt en kost. Omdat het huidige systeem al lange tijd bestaat, is het lastig om dit zo opeens te veranderen, en is een overgang naar een andere manier van studeren lastig.
Opdracht 7
|
Alinea
|
Bewering
|
Bijbehorende argumenten
|
Objectief / Subjectief
|
|
1
|
Studenten van nu hebben amper de tijd
om te wennen aan hun nieuwe leven.
|
1 Door maatregelen als...er flink op regel 1-3
|
Objectief
|
|
2 Volgend jaar komt...het zogeheten studievoorschot
|
Objectief
|
||
|
‘Allemaal bedoeld om studenten maar zo snel mogelijk door hun studie heen te jagen.’
|
|
|
|
|
2
|
... is snel studeren lang
niet voor
iedereen geschikt;
|
|
|
|
3
|
En langstudeerders hoeven geen extra geld te kosten.
|
|
|
|
4
|
‘Die extra jaren zijn geen verloren jaren.’
|
|
|
|
5
|
‘In je studietijd moet
je gekke dingen
doen, ...’
|
|
|
|
7
|
‘Wij zijn helemaal voor.’
|
|
|
|
9
|
Natuurlijk moet je het flexstuderen niet
aan iedereen
opleggen.
|
|
|
|
10
|
Erik Driessen is positief.
|
We lopen in...snel kunnen inhalen.
|
Objectief
|
|
12
|
Het zou goed zijn als Nederlandse universiteiten meer met hun tijd
meegaan.
|
|
|
|
13
|
Het is inderdaad allemaal niet zo simpel.
|
|
|
|
14
|
Volgens Van Meenen
ligt het probleem bij de bekostiging.
|
|
|
|
16
|
‘Het idee voor een flexibel onderwijssysteem is dus niet nieuw.’
|
|
|
|
17
|
... is het plan van Truijens volgens SP-Kamerlid Jasper van Dijk
‘vele malen verfrissender’ ...
|
|
|
Opdracht 8
|
Alinea
|
Bewering
|
Eens / Oneens
|
Argument(en)
|
|
1
|
Studenten van nu hebben amper de tijd
om te wennen aan hun nieuwe leven.
|
|
|
|
|
‘Allemaal bedoeld om studenten maar zo snel mogelijk door hun studie
heen te jagen.’
|
|
|
|
2
|
... is snel studeren lang
niet voor iedereen geschikt;
|
|
|
|
3
|
En langstudeerders hoeven geen extra geld te kosten.
|
|
|
|
4
|
‘Die extra jaren zijn geen verloren jaren.’
|
|
|
|
5
|
‘In je studietijd moet
je gekke dingen
doen, ...’
|
|
|
|
7
|
‘Wij zijn helemaal voor.’
|
|
|
|
9
|
Natuurlijk moet je het flexstuderen niet
aan iedereen
opleggen.
|
|
|
|
10
|
Erik Driessen is positief.
|
Eens
|
Als hij zegt dat hij positief is, zal dat wel zo zijn.
|
|
12
|
Het zou goed zijn als Nederlandse universiteiten meer met hun tijd
meegaan.
|
|
|
|
13
|
Het is inderdaad allemaal niet zo simpel.
|
|
|
|
14
|
Volgens Van Meenen
ligt het probleem bij de bekostiging.
|
|
|
|
16
|
‘Het idee voor
een flexibel onderwijssysteem is dus niet nieuw.’
|
|
|
|
17
|
... is het plan
van Truijens volgens SP-Kamerlid Jasper van Dijk
‘vele malen verfrissender’ ...
|
|
|
Opdracht 9
1) Niet zo veel.
2) Als je meer geld voor je studie kunt lenen, betekent dat dat je flexibeler kunt studeren.
3) Nee, zij wil dat studenten fysiek aanwezig zijn.
4) Nee, want zij praat niet echt over volwassenen, waar leven lang leren voor geldt.
5) Ja, bij modernisering vinden er vaak veranderingen plaats, en dat zou dan kunnen betekenen dat het plan van Truijens doorgevoerd wordt.
Opdracht 10
1) Het plan Truijens zou voor mij het beste zijn, omdat je zo zelf kan kiezen op wat voor manier je studeert, en heb je buiten je studie meer tijd.
2) De open universiteit zou voor mij het meest onwenselijk zijn, omdat het me niet fijn lijkt om online te studeren en je dus veel zelfdiscipline nodig hebt. Ik vind het fijner om fysiek aanwezig te zijn.
Opdracht 11 Essay
Iedereen heeft natuurlijk meegekregen dat het sociaal leenstelsel ingevoerd wordt, en ook dat lang niet iedereen daar even blij mee is. De studiefinanciering wordt afgeschaft en studenten zullen om hun studie te kunnen bekostigen geld van de overheid moeten lenen en dat later terug moeten betalen. Studeren zal opeens dus een hoop meer geld gaan kosten.
Allemaal vinden we dat het onderwijs moet worden gemoderniseerd, maar de manier waarop is dan weer niet helemaal duidelijk. Er zijn veel verschillende ideeën over de toekomst van het studeren. Minister Jet Bussemaker ging in gesprek met studenten, docenten en bestuurders om te praten over de mogelijkheden die voor verbetering van het onderwijs zullen leiden. Het is alleen wel vreemd dat ze niet heeft gesproken met de toekomstige studenten, diegenen waarom het uiteindelijk allemaal draait.
Ikzelf denk dat er nog eens goed moet worden gedacht over het plan van Aleid Truijens. Daarin betaalt de student voor het onderwijs dat hij of zij afneemt. De colleges worden in eigen tempo gevolgd, volgens een programma dat door de universiteit wordt opgesteld. Studenten zijn nog wel fysiek aanwezig in de lessen, in tegenstelling tot andere plannen, zoals de open universiteit, waar studenten online studeren.
Een groot voordeel van deze manier van studeren is dat studenten zelf hun eigen tempo kunnen bepalen, en hier niet meer geld voor hoeven te betalen. Studenten die liever wat langer over hun studie willen doen krijgen hiervoor zo de mogelijkheid, omdat ze zelf hun tijd kunnen indelen, maar evenveel onderwijs afnemen als andere studenten en dus evenveel geld moeten betalen voor hun studie.
Hierdoor komt er dus, als je dat wil, meer vrije tijd vrij buiten de studie, die kan worden gebruikt voor andere activiteiten, die de student kunnen helpen meer ervaring op te doen. Zo hebben studenten die dan wel wat langer over hun studie hebben gedaan een bredere visie en meer ervaring. Ze hebben dus meer uit hun studie gehaald dan wanneer ze hun studie in minder tijd zouden hebben afgerond.
Een ander voordeel van plan Truijens tegenover de open universiteit is dat studenten fysiek aanwezig zijn bij de lessen. Als je online studeert, heb je veel meer discipline nodig om dit ook echt te doen. Veel studenten hebben die discipline misschien niet, en hebben dus niet veel aan hun studie. Wanneer je fysiek aanwezig bent bij de lessen word je meer gedwongen om met je studie bezig te zijn, wat ervoor zorgt dat studenten betere resultaten zullen behalen.
Het is dus goed om nog eens na te denken over het idee van Aleid Truijens. Ze heeft een goed plan wat ervoor zou kunnen zorgen dat meer studenten met meer plezier kunnen studeren omdat ze zelf hun tijd kunnen indelen. Dit zorgt er dan weer voor dat studenten meer uit hun studie kunnen halen. Ook worden studenten er nog wel goed toe gemotiveerd echt met hun studie bezig te zijn,
Abonneren op:
Posts (Atom)